Nieuws

Tekenen versus Modelleren

In het traditionele bouwproces gebruikt men de term ‘tekenen’. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer een ontwerper diverse weergaven maakt van een bouwwerk, zoals een plattegrond met doorsneden en aanzichten. Een doorsnede zal op basis van een plattegrond ‘nagetekend’ worden. Hulplijnen helpen in het ontwerpproces om de tekening zo betrouwbaar mogelijk te maken echter de kans op falen blijft aanwezig. Niet voor niets prijkt er in grote letters de tekst ‘maten in het werk controleren’.


In een BIM-omgeving maakt men gebruik van modellen. Deze worden gemodelleerd i.p.v. getekend. Een voordeel is het maken van een overzicht, vergelijkbaar met een tekening in het traditionele proces. Dit overzicht bestaat uit dezelfde weergaven echter van natekenen is geen sprake. Dat de weergaven afkomstig zijn van het model, is betrouwbare informatie. Op een dergelijk overzicht kan men daarom een afwijkende term toepassen, namelijk; ‘maten in het werk toepassen’.

Stel, u gaat een bouwwerk realiseren. Daarvoor krijgt u in het traditionele proces een hoeveelheid tekeningen. Het is nu de kunst om relaties te leggen tussen deze verschillende tekeningen, afgezien van het feit of de tekening überhaupt klopt. De installatietekening in relatie met de tekening van constructeur en architect, het is een tijdrovende inspanning met een kans op falen. Omissies worden in het werk opgelost. Gelukkig kan het ook anders. Stap daarvoor in een BIM-omgeving.

In een BIM-omgeving wordt het gebouwmodel gevalideerd. Dit betekent in de praktijk dat de verschillende aspectmodellen (zoals van architect, constructeur en installateur), worden samengevoegd en gecontroleerd op geometrie en onderlinge samenhang. Een modelchecker maakt omissies zichtbaar. Het ontwerpteam en/of bouwdirectie geeft aan wie verantwoordelijk is voor de oplossing, waarna aspectmodellen door desbetreffende worden aangepast. Dit proces herhaalt zich tot er geen omissies meer aanwezig zijn. Wanneer aspectmodellen mede afkomstig zijn van de maak-industrie, ontstaat een virtueel bouwwerk dat in werkelijkheid gemaakt kan worden. Dit betekent dat er minder problemen in het werk opgelost worden (reductie van faalkosten).

Wanneer men op de bouwplaats overzichten gebruikt welke afkomstig zijn van het gevalideerde gebouwmodel, wordt de kans op falen sterk teruggedrongen. Deze overzichten noem ik geen tekeningen omdat dit een te sterke referentie is naar het traditionele proces waar natekenen de methode is.

Reageren mag hier.